donderdag 26 november 2009

Telefonisch contact

Vanavond weer telefonisch contact gehad.
De groep is samen in Dhaka en de algemene indruk is goed, geen bijzonderheden met de groepsleden. De telefoonlijn was vandaag ook goed, weinig vertraging op de lijn. Misschien komt er morgen weer iets op de blog te staan.
Ik vind de informatie op Kerk in Actie moeilijk te vinden, je moet echt weten waar je moet zoeken, (bij interactief en pas daarna weblog Bangladesh) Maar als je het dan eenmaal gevonden hebt is het leuk om berichten van de andere groepjes te lezen.
Ik heb er toch best moeite mee dat je zo een paar dagen niets hoort en dan gelukkig weer een heel stuk te lezen hebt! Gelukkig merk ik aan andere reacties dat ik daar niet de enige in ben!
Ik hoop dat de mensen nog een paar goede dagen in Dhaka hebben en ik kijk uit naar volgende week wanneer we de echte foto's en verhalen zullen zien en horen.
Groeten Harriët Kramer

maandag 23 november 2009

Zaterdag 21 november - Fieldtrip

Vandaag een wat rustigere dag. Daar waren we ook wel aan toe. We gaan van hot naar her en alle indrukken trekken een aardige wissel op ons gestel, naast dat het lichaam ook wel wat te verduren krijgt. S' morgens gaan we in het dorpje Jobopar op bezoek bij een kippenfarm en een visproject. De kippenren staat op palen boven het water zodat de mest meteen weer dient als voedsel voor de vissen. In Bangladesh gaat niets verloren. Dat zien we in heel veel zaken terug. Hierna gaan we naar dorpje even verderop waar we op een klein bootje stappen. Dit bootje brengt ons in een klein uur naar Musuria. In Bangladesh is transport over water heel normaal en soms de enige manier om ergens te komen. Ons maakt het niet uit want de reis is heerlijk ontspannend. Glijdend over het water genieten we van alles om ons heen. Je ziet overal mensen aan de oever van de rivier dingen doen. De een wast zijn koe, en daarnaast wordt de vaat gedaan. Ook zien we veel bootjes met spullen en mensen heen en weer gaan. De rivier slingert zich een weg door de bomen en het is enorm groen. Kinderen zwaaien als ze ons zien. Veel van deze kinderen hebben waarschijnlijk nog nooit een blanke in levende lijve gezien. Vooral Willianne trekt de aandacht met haar blonde haar. Gert ziet zijn kans schoon en voordat de stuurman ook maar iets kan zeggen hebben we een nieuwe schipper. Behendig stuurt Gert ons een tijd lang, over de rivier langs alle obstakels die we onderweg tegenkomen.

Als we in Musuria aankomen moeten we nog een eindje lopen over smalle paadjes door het bos en dijkjes tussen het water om uiteindelijk terecht te komen bij een gezin dat ons hartelijk ontvangt. We krijgen verse kokosnoot die zo uit de boom komt. stukje er af met het kapmes, rietje erin en drinken maar. Heerlijk. Ook hier is een kleinschalig project opgestart voor de mensen om een beter leven op te bouwen. Voornamelijk vis en veeteelt zoals kippenfokkerij. Het is een kort bezoek, maar wel allervriendelijkst. Daarna wandelen we nog een stukje verder naar een ander deel waar een project wordt gestart met visteelt. Veel valt er niet van te zien, maar de omgeving hier is schitterend en de mensen zijn enorm in ons geintreseerd. We maken in korte tijd met veel mensen kennis. Onze ervaringen met bamboebruggen komt hier en daar goed van pas. Eigenlijk vrij snel gaan we al weer terug naar de boot die ondertussen met ons is meegevaren. Op de terugreis met de boot rusten we heerlijk uit en volgens mij begin al een beetje een kleurtje te krijgen. Voelt het heel even als vakantie....

De middag heeft weinig voor ons in petto en Gert en Willieanne gebruiken dit om even bij te slapen. Mabud wil graag een bezoek brengen aan het huis waar zijn vrouw is geboren, want die komt uit deze regio. Siebe en ik besluiten mee te gaan en het is erg leuk. Met zijn drieeen op de van-riksja (die met die plaat), want ja lopen houden ze hier niet van. Bij het hutje aangekomen worden we ontvangen door een tante van Mabud. Het is een armoedig hutje van golfplaten. Er is een buitenkeuken en een stalletje voor de koe. Op het erf lopen kippen. Tante geeft ons cha en natuurlijk iets er bij: gepofte rijst en gestoomde/gedroogde rijst. Hier een lekker tussendoortje. Wat ik mors zijn de kippen erg blij mee (ik ook trouwens). Ik hoop maar dat het water uit de put niet te veel problemen geeft, gelukkig is het gekookt.

We maken kennis met de overgebleven familie van Mabud. Zijn schoonouders leven niet meer en zijn begraven in de tuin. De rest van de familie woont hier nog wel, maar een deel is nog aan het werk op het land.

S'avonds na het diner gaan Gert en Siebe nog een keer naar het theaterstuk van Isah-e Jamat wat nu op een andere locatie in de omgeving wordt gehouden. Met zijn drieeen op de motor is geen probleem hier. Mabud, Willianne en ik blijven achter en hebben een aantal diepe gesprekken. Mabud bezit veel kennis over de Bijbel en de Koran en gaan heel goed uitleggen. Ik ben blij dat we hem bij ons hebben.

Mabud gaat wat later op de avond ook naar het theater toe om nog folders uit te delen. wij blijven met zijn tweeen achter en kunnen heerlijk op zijn urkers even m^ken

Vrijdag 20 november - Jobopar

Na de lunch op de compound gaan we met onze spullen opweg naar Jobopar. Dit is een uur reiden verder het binnenland in. De weg wordt steeds slechter en op een gegeven moment is het een zandweg die door een dorpje loopt. Dit blijkt Jobopar te zijn. We stappen uit en het ziet er allemaal heel armoedig uit. Mabud regelt een eenvoudige Riksja voor ons, die ons nog verder de jungle in moet brengen. In eerste instantie zeggen we dat we dat stukje wel willen lopen, aangezien we het sneu vinden voor de riksja rijder om met drie volwassen europeanen door het bos te moeten crossen. Mabud dringt aan en het blijkt dan ook een reis van een aantal kilometers te zijn. Als ik zeg Riksja in Jobopar is dat niets anders dan een eenvoudige fiets met drie wielen een een laadplank voor vracht. Deze wordt ook gebruikt voor personenvervoer. Siebe is gaan lopen aangezien hij dacht dat het maar een klein stukje was. Mabud die absoluut niet van lopen houdt heeft een vriend die hem met de motor brengt naar onze bestemming.

Ja waar gaan we eigenlijk naar toe zo midden in het bos? Het blijkt dat hier een van gebouwen van Isah-e Jamat staat. Deze is een aantal jaren geleden gebouwd en wordt nu gebruikt als lokale kerk, school, kantoor en trainingscentrum voor de regio. Dit is tevens ons guesthouse voor de komende twee nachten. Tot onze grote blijdschap blijkt hier midden in de jungle een soort paradijsje te zijn, want er is een normaal toilet en een douche waar water uit de muur komt in plaats vanuit een emmer. We blijven natuurlijk europeanen. De ontvangst is hartelijk. De zondagschool kinderen die net bezig zijn (of is dit geregeld) zingen een lied voor ons. Mabud neemt daarna uitgebreid de tijd met ons om een kop cha te drinken. Na de cha gaan we weer het schooltje in. Weer stoelen, weer bloemen en weer zang en dans. Willieanne ziet haar kans om de kleurplaten die ze mee heeft van de zondagschool van Urk te delen met de kinderen van de zondagsschool van Jobarpar. Als we s’avonds aan het wandelen zijn komen we nog kinderen tegen met een kleurplaat. Willianne en ik gaan even wandelen en komen al kuierend bij een bamboe brug. Het ziet er wel niet zo stevig uit, maar ja, dit is Bangladesh en het is toch de manier om aan de overkant te komen. Zo krijgen we onze eerste ervaring met de bamboebrug. Waarschijnlijk niet de laatste.

Na het diner, wat hier buiten door een aantal vrouwen wordt bereid, gaan we naar een voorstelling van Isah-e Jamat. Zij hebben een reizende voorstelling die door heel Bangladesh op een educatieve manier een aantal zaken aan de kaak stelt. Zo wordt er ingegaan op vrouwenmishandeling en machtssmisbruik, de noodzaak voor goede opleiding, maar ook de noodzaak om vriendelijk en goed met elkaar om te gaan. Dit allemaal met een bijbelse ondertoon. In Bangladesh kan niet openlijk worden ge-evengaliseerd, maar de verschillende Bijbelteksten worden goed gebruikt. Ook worden er folders en magazines uitgedeeld onder de moslims die het toneelspel komen bezoeken. Voor deze avond op een overdekt veld komen uit de hele omgeving mensen af. Er zijn er meer dan 2000. Als wij komen blijken ze er al rekening mee gehouden te hebben, want onze stoelen staan al klaar. De vrouwen zitten in het midden op de grond en de mannen staan daar in een grote kring om heen. Het stuk duur ongeveer twee en half uur en is gezien het gelach ook erg grappig. Ik herken een aantal bijbelse taferelen en de liefdesbrief die een van de meisjes van een jongen ontvangt is rechtsreeks uit Galaten 13. De avond is een groot succes voor Isah-e jamat en de verwachting is dat de zaterdagavond nog veel meer mensen zullen komen. Dit is pas een manier om een boodschap over te brengen. Om half twaalf zijn we terug in het guesthouse. We spreken nog wat na met de verschillende acteurs van de theatergroep en ook de bedenker van het stuk. Een leuk gesprek en een mooie afsluiting van de dag.

Vrijdag 20 november - ochtend op de compound

Na het ontbijt krijgen we van zuster Florence een rondleiding over de compound. Deze is zeer groot en herbergt meerdere hostels, en meerdere scholen. Ook is er een kliniek, waar mensen terecht kunnen met medische problemen of bijvoorbeeld zwangerschaps begeleiding. Dit gaat er heel anders aan toe als bij ons in Nederland. Ook is er op de compound een begraafplaats voor mensen die gediend hebben bij de COB. Daarnaast is er een grote kerk die in bijzondere stijl is gebouwd. Al met al brengen we al lopend een aardig tijdje door. Onderweg ontmoeten we Sister Lucy van 78 uit Engeland die al 50 jaar werkt in Bangladesh met de allerarmsten. Op haar vraag waarom ze nog niet terug gegaan is, antwoord ze dat haar werk hier nog niet klaar is. Dit zal wel nooit afkomen. We krijgen alledrie een aantal van haar boekjes die ze in de afgelopen jaren heeft geschreven. Een mooi gebaar van een nog mooiere vrouw. Een fantastische inspirerende vrouw waar we nog veel van kunnen leren. Ook ontmoeten we even later Mother Sushilia. Zij zit in een rolstoel en zij blijkt al 83 jaar te zijn. Zij zit al meer dan 60 jaar in Bangladesh en komt oorspronkelijk uit India. Ook deze vrouw is nog scherp van geest. Met haar drinken we een kopje cha met wat biscuitjes. Het voelt net een beetje als een bezoek aan mijn opoe van vroeger. Mabud wordt uiteindelijk een beetje ongeduldig want we hebben nog een druk programma voor vandaag.

Uit de compound gaan we met zijn zevenen naar een sloppen wijk van Barisal. Gert, Willieanne, Mabud, Siebe, Florence, nog een vrouw en ik. We lopen in een drukke straat van Barisal als plotseling Florence een heel klein en nauw steegje in duikt. Ik had het niet eens gezien zo klein. Paar keer afslaan en we komen in een heel andere wereld. Op mekaar gestapeld en gepropt staan bouwvallen die het woord huis niet waardig zijn. We worden een van de huisjes in geleid. Dit blijkt het grootste huisje te zijn van deze wijk. Hier zit een hele groep vrouwen op de grond te wachten op ons. Ook hier staat weer een rij stoelen klaar. Natuurlijk ontbreken de bloemen en het zingen niet. Deze vrouwen vertellen over de problemen die ze hebben met uithuwelijken en het meebrengen van een bruidschat. Binnen deze cultuur is het gebruikelijk dat de vrouw een flinke som geld moet meebrengen of iets anders van grote waarde wil ze kunnen trouwen. Hier wordt gewerkt aan een cultureel programma om dit te doorbreken. Door zowel de vrouwen als de mannen te voorzien van opleidingen en kennis zien ze langzaam een verandering in hun cultuur ontstaan. Ook hier wordt gewerkt met kleine micro-kredieten om de mensen een kans te geven de vicieuze cirkel te doorbreken. Sommigen gebruiken dit voor opleiding of het opstarten van een eigen bedrijfje. Ik mag bij een aantal andere huisjes naar binnen om te zien hoe ze leven. De vrouwen willen graag laten zien hoe ze het hebben ingericht. Ik raak er alweer van onder de indruk. Om dag in dag uit zo te leven in de modder en erbarmelijke omstandigheden is voor ons nauwlijks te bevatten. Toch zien we hier naast verdriet en leed ook vrolijke mensen en kinderen. Als mensen hoop hebben en uitzicht op verbetering kan er veel veranderen. Zo bezoeken we ook nog een ander project aan de rand van Barisal, met een vergelijkbare ervaring.

Donderdag 19 november - avond in Barisal

Na onze bezoek aan de projecten komen we in het centrum van Barisal. Mabud en Siebe slapen in een hotel. Dat ziet er eigenlijk wel erg aanlokkelijk uit, maar voor ons roept het comfortabele bed van de compound. We besluiten lopend van het hotel naar de compound te gaan dwars door de drukste straten van Barisal. Lopen geeft dan een nog leukere ervaring dan de Riksja. Onderweg worden we door Florence van COB gewezen op het kerkgebouw van COB. We besluiten met zijn drieeen, samen met Florence een bezoekje af te leggen. Het is ondertussen 7 uur s’avonds. We worden binnengelaten en we spreken nog even kort met de voorganger, hier priester genoemd. Ook bekijken we de kerk van binnen. Allemaal heel eenvoudig, maar wel functioneel. De mensen kunnen hier op de grond zitten om de dienst bij te wonen.

Terug gekomen op de compound pakken we in onze kamer onze koffers uit en frissen ons even op. Om ongeveer acht uur gaan we eten. Tijd is hier over het algemeen een rekbaar begrip, maar voor de europeanen hebben ze zich aardig aangepast. Om acht uur staat dan ook het diner klaar. We krijgen hier de tot nog toe lekkerste rijst van de hele trip, inclusief een keuze uit kip of vis. Daarnaast is er ook keus uit verschillende groentes. Ik neem nog maar een bordje. Na het diner praten we met zijn drieeen nog een tijdje na op de veranda van onze slaapkamer.

Donderdag 19 november - middag in Barisal

In Barisal gaan we naar de compound van Church of Bangladesh. Dit is een oase van rust in deze drukke provincie stad. Wat wel opvalt is dat in Barisal nauwlijks auto’s rijden. We zien allen maar Riksja’s, voetgangers of een een enkele motor. We zien zeer zelden een andere auto. Op de compound worden we ontvangen met een verlate luch. We krijgen onze kamers toegewezen. Ik deel mijn kamer met Gert. Er is een aparte wasruimte en toilet. Het toilet en de douche is toch iedere keer weer spannend wat we toegewezen krijgen. Ik heb onderweg ook situaties gezien waar ik liever geen gebruik van hoef te maken, en ik heb nog steeds de angst dat we ergens komen waar we inderdaad geen stromend water hebben en een gat in de grond met muggen. Gelukkig valt het tot nog toe nog wel mee. Schoon en comfortabel is anders, maar zoals gezegd we zijn al snel tevreden.

De lunch die we krijgen is uitstekend. Dit is een rijst soort die we nog niet gehad hebben en deze smaakt echt verrukkelijk. Ook is er een keur van groentes en vlees en vis. Ze doen echt hun best om indruk op ons te maken. Waarom komen we later achter.
Na de lunch gaan we met het busje naar een van de projecten van CBSDP aan de rand van Barisal. Hier leeft een groep mensen van ongeveer 150 gezinnen om een kleine visvijver. Het is enorm armoedig en het zijn echte kleihutjes met golfplaten daken. Een groep vrouwen zit al een tijdje te wachten in wat waarschijnlijk hun mooiste kleren zijn. Voor de groep staat een rij stoelen klaar. Ik kan hier nog steeds niet aan wennen, maar blijkbaar kan het niet anders dan dat bezoekers als vorsten worden behandeld. We krijgen bloemen en er wordt een lied voor ons gezongen. We raken in gesprek met deze vrouwen over hoe de verschillende projecten voor hun werken en wat de resultaten hiervan zijn. Zo krijgen we een aantal voorbeelden van micro-krediet faciliteiten waar deze vrouwen in meedraaien. De een heeft vee gekocht, de ander gebruikt het voor de aanschaf van een Riksja of een naaimachine. Een aantal vrouwen vertellen ook al wat dit heeft betekent voor hun leven en dat van hun kinderen. Hierna krijgen we een rondleiding door het dorpje en zien we ook een aantal voorbeelden van verbeteringen uit het werk van CBSDP. Bijvoorbeeld een stukje land wat een gezin heeft aangekocht om groent te verbouwen en een geit op te kunnen houden. Een ander heeft weer wat kippen om te fokken. Zo zien we de verschillende resulaten, maar we zien ook in welke situaties deze mensen leven. We mogen binnen kijken bij een aantal vrouwen en zien hoe zij leven. Dit is vaak niet meer dan een kookplaatje en een plank om op te slapen. En dan met alle kinderen en eventueel vee daarbij.

Bij een oudere vrouw die een beetje achteraf woont is een deel van het hutje ingestort. Het dak is lek, en ze gebruikt een zeiltje om het regenwater weg te houden van haar slaapplaats. Ze nodigt mij en Gert uit om binnen te komen. Ook dit raakt ons erg. Sommige van deze situaties zijn zo onmenselijk en oneerlijk in onze ogen. In de ogen van de oude vrouw zien we een smekende blik. We beseffen dat we hier te maken hebben met een leed wat veel dieper zit, dan alleen de materiële schade. Hier kan alleen maar een gebed troostende woorden bieden en we bidden samen met deze vrouw. Gert geeft zijn bloemen aan de vrouw. Zo bezoeken we nog meer van deze projecten. Overal zien we leed en problemen, maar ook het goede werk en de resulaten van mensen die hier hun hart tonen, zoals CBSDP.

Donderdag 19 november - onderweg naar Barisal

Na de, ondertussen vertrouwde, bucket shower een goed ontbijt. Ik ben blij dat Mabud ook niet zo van rijst houdt want het is eigenlijk normaal om minstens drie keer daags rijst te nemen. De roti en brood of noedels zijn dan een prima afwisseling. Ik heb besloten om alleen mijn kleine koffer mee te nemen, en dat is maar goed ook, want het minibusje waar we mee op stap gaan heeft niet al teveel ruimte. Zoals alle auto’s in Dhaka rijden deze op CNG, een vorm van LPG. Dit zijn enorme tanks waar een deel van de bagageruimte voor is opgeofferd. Iets voor half acht komt Siebe die met ons meegaat naar Borisal aan en zijn we klaar voor vertrek. Gedurende onze reis naar Borisal en Jobarpar hebben we de beschikking over een chauffeur. Op zich ben ik er blij mee dat we een ervaren iemand hebben die ervaring heeft met het verkeer. Dat blijkt al heel snel als ik erachter kom dat het een reïncarnatie van Michael Schumacher is, maar dan met Bengaals bloed. Hij rijdt alsof de duivel hem achterna zit. Op weggetjes niet groter als de bekende Karel doorman weg in de polder rijdt hij met gemak 120 km/h. En dit slalommend om de Riksja’s, vrachtwagens en andere voertuigen die met ons meebewegen of er tegenin. Het is heel gebruikelijk om even een stukje af te snijden door tegen het verkeer in te rijden, zelfs op de snelweg. Een echte snelweg kan je het niet noemen, want dan zou je een vangrail hebben en meerdere stroken. Hier is het een veredelde tweebaansweg die in twee richtingen met meerdere voertuigen naast elkaar gedeeld wordt. Sommige stukken zijn zo slecht dat onze coureur om de kuilen heen zigzagt, of dat in ieder geval probeert. Na een uurtje of zo begin ik al aardig misselijk te worden.

Na twee en half uur zijn we aangekomen bij de Ferry over de rivier de Pudma. Dit is een welkome afwisseling met de autorit. De ferry is een ervaring op zich. Overal zitten kooplui op de boot hun waren te slijten zoals fruit en vis. Het uitzicht is geweldig en ik geniet van een stel jagende zeearenden. Overal zien we mensen bezig met de rivier. Mensen zijn bezig met vissen of wassen zichzelf of hun kleding. De rivier is trouwens ontzettend smerig.

Aan de andere kant van de rivier gaat onze reis verder naar Barisal. Nog een flinke trip door een moerasachtig gebied. Had ik al gezegd hoe groen het land was en hoe veel water er te zien is? Onze totale reis duurt uiteindelijk 6 uur en valt me achteraf nog wel mee. Ik ben zelfs onderweg in slaap gevallen al schokkend en schuddend met hoge snelheid. Ik zal wel erg moe zijn geweest.